Industrie
Supply Chain Management

Welke impact heeft de Brexit voor supply chains ?

En wat kunt u doen om het meeste voordeel te halen uit de wereld na de Brexit?
Jonas Hatem

Het is gebeurd. Op donderdag 23 juni 2016 won het ‘Leave’-kamp het referendum dat erover besliste of het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie moest stappen of erin moest blijven. Het Britse pond kelderde ten opzichte van de euro en de Amerikaanse dollar. Het VK verloor zijn AAA-rating. Twee van de drie voorvechters van de ‘Leave’-beweging, ook wel Brexit genoemd, namen ontslag of trok zich terug uit de politieke frontlinie. Premier Cameron zal waarschijnlijk worden herinnerd als de politicus die de eurosceptici binnen zijn eigen partij op hun donder wilde geven en zo het EU-lidmaatschap van het VK vergokte. Hij maakte plaats voor mevrouw Theresa May (die als minister van Binnenlandse Zaken sterk pleitte voor de inspanningen van het VK om moderne slavernij te bestrijden door in de Modern Slavery Act transparantiebepalingen op te nemen die gevolgen hebben voor de supply chains). Het algemene gevoel is er een van toegenomen onzekerheid. De voorspellingen voor de zomer zijn verdeeld, mogelijk koud en vochtig, omdat niemand weet wat de Brexit echt in detail inhoudt.

Financieel analisten bij grote financiële instellingen (Goldman Sachs, UBS, Deutsche Bank en HSBC) waarschuwen hun klanten dat het VK een periode van tragere groei en hogere inflatie ingaat. Supply chain analisten zijn er nog niet helemaal uit. Blijkbaar zijn ze het alleen eens over de onzekerheid die deze situatie gecreëerd heeft en hoe slecht de Brexit is voor het VK. Daarom besloot ik om ons adviesbureau even te laten voor wat het is om na te denken over hoe deze situatie vermoedelijk een impact zal hebben op de supply chains in het VK en wat de beste tactieken zijn om met de nieuwe realiteit om te gaan.

Tijd om even tijd te maken? Gevolgen op korte termijn

Het eerste wat we moeten bekijken, is de tijd. Hoe goed het VK zal presteren in de komende kwartalen is iets anders dan zijn prestaties in het volgende decennium. Om het simpel te houden ga ik ervan uit dat de korte termijn alles is tussen vandaag en twee tot drie jaar nadat het VK uit het Europese project gestapt is (grofweg de volgende vijf jaar). Onder de lange termijn versta ik over meer dan tien jaar.

Op korte termijn maak ik me zorgen over de neveneffecten die te wijten zijn aan de onzekerheid (Hoe gaan de eerste wetswijzigingen eruitzien? Wanneer gaan ze in?) en de veranderingen in het ondernemingsklimaat (houding van de Britten tegenover wereldhandel, veranderende kijk op hoe de handel met de andere EU-landen voortaan moet gebeuren). Naar mijn mening leidt het eerstgenoemde tot een gebrek aan duidelijkheid en stabiliteit. En dat zal de groei en de investeringen belemmeren, omdat velen de kat uit de boom kijken. Ondernemingen en particulieren zullen minder uitgeven. Het laatstgenoemde moeten we echt voorkomen, omdat producten en diensten kiezen op basis van wie ze produceert of levert in sommige gevallen als moreel onaanvaardbaar en als een niet-economisch prestatiecriterium beschouwd zou kunnen worden. Maar dan zouden de huidige handelsbeperkingen voor de landen die naar Europa uitvoeren ook moreel verkeerd zijn, zoals mijn collega Charles Findlay terecht opmerkte (en de originele Franse brie kopen in plaats van de variant uit Somerset waarschijnlijk ook).

Ik maak me ook zorgen over een tekort aan opgeleide werknemers. Het vrije verkeer van goederen, diensten en personen betekent een belangrijk aspect van het engagement binnen de EU. De beperking van asiel en immigratie speelde een belangrijke rol in het debat rond de Brexit. Als we niet in staat zijn om indien nodig banen in te vullen via immigratie, zou dat de productielijnen vertragen.

Groot-Brittannië mag dan wel (terecht) trots zijn op zijn onderzoek en concurrentievermogen, toch zal het de dingen anders moeten aanpakken als het de lat op dezelfde hoogte wil kunnen blijven leggen. Volgens de Royal Society is Groot-Brittannië (hoewel het een nettobetaler is aan de begroting van de EU) een van de grootste begunstigden van onderzoeksfondsen in de EU. Zo ontvangt Groot-Brittannië veel meer geld voor onderzoek dan het zelf bijdraagt. Die stroom zal moeten worden vervangen, zoals blijkt uit deze recente kop: UK scientists dropped from EU projects because of post-Brexit funding fears (Britse wetenschappers geweerd uit EU-projecten wegens vrees voor financiering na Brexit).

De kosten, de beschikbaarheid van arbeidskrachten en handelsbeperkingen zijn typische criteria die spelen bij beslissingen over investeringen. Het zou mij verbazen als ondernemingen in hun vergelijkingen geen rekening zouden houden met de huidige onzekerheden op korte termijn. Ik vermoed dat het aantal overnames zal afnemen of dat zulke projecten tijdelijk in de koelkast gaan. In 2015 peilde Global Counsel naar de investeringsplannen van bedrijven in het VK. 29 % zei dat de brexit een grotere negatieve dan positieve impact zou hebben.

Op iets langere termijn vermoed ik dat de nieuwe handelsakkoorden bepaalde handelscorridors zullen bevoordelen en andere zullen afstraffen. Ik verwacht dat de handelscorridor tussen het VK en de EU zal blijven bestaan, met een minieme impact in de volgende tien jaar. Niemand wint bij een slecht akkoord tussen de EU en het VK, behalve bekrompen regionale fabrikanten die niet van concurrentie houden.

Factoren die de supply chains van het VK op langere termijn beïnvloeden

Op lange termijn zullen de verschillen in de regelgeving (vooral met de EU-landen) toenemen. Tenzij passende maatregelen worden genomen, verwacht ik dat de kosten voor handel zullen toenemen, wat een invloed zal hebben op de volumes en de plaats van het VK in de supply chains van de EU. Rest de vraag in welke mate dit gecompenseerd zal worden door handelsakkoorden ‘Britse stijl’ met andere regio’s en landen, maar hier sta ik sceptisch tegenover. Nu ik het toch over dit onderwerp heb: volgens de FT zijn de bewijzen dat de EU-regels de Britse creativiteit, innovatie, concurrentie en groei verstikt hebben schaars. De OESO concludeerde dat het VK het op één na laagste niveau van productmarktregulering van haar leden heeft, net onder Nederland.

Steve Banker, een in de VS gevestigde consultant, schreef een interessante post op de website van Forbes waarin hij wees op andere ontwikkelingen die een impact hebben op onze supply chains. Het plan van de EU om een einde te maken aan belastingparadijzen is er een van. Grote multinationals runnen hun regionale supply chains nu vaak vanuit plaatselijke belastingparadijzen, zoals Ierland en, voor sommige sectoren, het VK. Deze strategie zal minder en minder worden aanvaard.

Een andere trend heeft symptomen die ook zichtbaar zijn in de presidentsverkiezingen in de VS. Volgens Banker vindt een aanzienlijk deel van de Amerikanen dat ze niet gebaat zijn geweest bij de mondiale handel. Hij vermoedt dat Trump, als hij zou winnen, zal proberen om de drempel te verhogen om met goedkoop producerende landen handel te drijven. De daar geproduceerde goederen stromen niet alleen naar Noord-Amerika, maar ook naar het VK (en Europa). En dat zal een impact hebben op de supply chains.

Impact per sector

Volgens de studie uit 2015 van Global Counsel situeren Britse bedrijven zich relatief upstream in de mondiale supply chains en zijn ze met name geconcentreerd in een kleiner aantal sectoren in vergelijking met ondernemingen in andere Europese landen. Laten we enkele sectoren eens onder de loep nemen, in willekeurige volgorde.

Elektronica: De devaluatie van het Britse pond zal de prijs voor de invoer van elektronica en elektronische onderdelen gevoelig doen stijgen. Ik verwacht dan ook een toename van de volatiliteit van de prijzen van onderdelen en dus van de kosten. Tijdens een recessie geeft men doorgaans minder uit aan niet-essentiële zaken. De vraag naar consumentenelektronica, zoals tablets, telefoons en pc’s zal dalen. Behalve ARM, dat nu in Japanse handen is, zijn er maar weinig grote uitvoerders van elektronica in het VK.

Detailhandel: Britse supermarkten zullen hun prijzen voor zuivel en verse producten optrekken, omdat een heleboel vanuit de EU wordt ingevoerd met een hogere euro-pondwisselkoers. We mogen niet vergeten dat Britse landbouwers tot de helft van hun inkomen van de EU ontvangen en het is niet duidelijk hoeveel van deze subsidie de Britse regering in stand zal houden. Ze zullen mogelijk hun gedaalde inkomsten moeten goedmaken en moeten omgaan met een toegenomen vraag, omdat de meeste supermarkten nog meer zullen proberen om met plaatselijke leveranciers te werken. Dat zal ook niet helpen om de consumptieprijzen laag te houden. Naar verwachting zullen de kopers dan hun uitgaven beperken en grote aankopen uitstellen. Misschien is nu een goed moment voor in de VS gevestigde detailhandelaars (zoals Wal-Mart en Amazon) om door te duwen. Hetzelfde geldt voor de Duitse discountwinkels (Lidl, Aldi).

Logistieke ondernemingen: De voorbije tien jaar zijn een groot aantal ‘3PL’s’ (externe logistieke bedrijven) door buitenlandse investeerders binnengehaald. Een verzwakt Brits pond zal de overblijvende ondernemingen alleen maar kwetsbaarder maken voor overnames. Vrachtvervoerders zullen mogelijk te maken krijgen met onderbrekingen wegens de onzekerheid op het vlak van langetermijncontracten, de belastingen en de aanhoudende tewerkstelling van EU-burgers. Laat ons de dagelijkse gang van zaken niet vergeten: nieuwe douanecontroleformulieren zullen de logistiek tijdrovender en administratief moeilijker maken.

Lucht- en ruimtevaart: Een van de onmiddellijke verrassingen na de Brexit was dat een aantal donkere wolken van voor de stemming tegen de Farnborough vliegshow van 2016 waren weggetrokken. Daar werden deals gesloten. Het was verkeerd om te veronderstellen dat deals, die soms al jarenlang voorbereid waren, op heel korte termijn zouden afspringen (hetzij tegen een hogere kostprijs). Maar velen in de sector zijn van mening dat de ‘Leave’-stem deze dynamiek en de gezamenlijke investeringen via de EU deels in gevaar zou kunnen brengen. Zeker op een moment dat er volgens de FT na een boom van zes jaar tekenen van vertraging zijn bij de vliegtuigbestellingen. Kleine leveranciers van de twee belangrijkste westerse fabrikanten zouden de effecten van de onzekerheid kunnen voelen, maar het feit dat ze op een nichemarkt actief zijn en leveren aan overheden en rijke luchtvaartmaatschappijen in het Midden-Oosten en het Verre Oosten zou de pijn moeten verzachten.

Automobielsector: Volgens de FT lopen de Britse autofabrieken, als het VK na de Brexit moeite heeft om een goede toegang tot de interne markt van de EU te behouden, het risico om hun concurrentiekracht te verliezen. Dat zou leiden tot verloren werk op vernieuwde modellen en, na verloop van tijd, mogelijke sluitingen. Sommige Aziatische constructeurs, zoals Suzuki, hebben duidelijk laten verstaan dat de volatiliteit van de valutamarkt na de brexit waarschijnlijk “grote” gevolgen zou hebben op de winst, en dat ze die impact zouden opvangen door de kosten te drukken en te besnoeien op lokale aankopen. Even terzijde: ik ben er niet van overtuigd dat de brexit de enige factor is die de beslissing beïnvloedt. Ze hadden het eerder al moeilijk wegens een schandaal rond brandstoftests.

John Leech, hoofd Automotive bij KPMG UK, voorspelt nu dat er in 2017 2,5 miljoen auto’s zullen worden verkocht, terwijl ze eerder dachten dat het er 3 miljoen zouden zijn. Hij verwacht nog altijd dat de autoproductie in het VK in 2016 met dubbele cijfers zal groeien tot 1,7 miljoen auto’s. Dit hoofdzakelijk dankzij de export naar de EU, die aangemoedigd wordt door het zwakke pond. Door de onzekerheid over de relatie met de EU en invoer/uitvoertarieven zal een veel flexibelere aankoop, productie en distributie nodig zijn.

Ik zie de nicheproducten van de automobielsector (zoals formule 1) niet verdwijnen, maar ik denk wel dat ze minder betaalbaar zullen worden.

Er blijft nog één vraag over: volstaat het plaatselijke talent in het VK voor de automobielsector in het VK als het vrije verkeer van personen en diensten in de toekomst bemoeilijkt wordt?

Goed voorbereid in een gespannen situatie

Uit het bovenstaande zult u dus begrijpen dat het effect van de Brexit gelaagd zal zijn. Het zal (in de supply chain) onder meer voelbaar zijn in de rechtstreekse handelsbetrekkingen (wegens bepalingen in handelsakkoorden, nieuwe tarieven of handelsbeperkingen), in de logistiek (marginaal langere transporttijd, hogere administratieve kosten), in de omgang met personeel (wie moet ik in dienst nemen, outsourcen of niet?), in de investeringen (om te voldoen aan handelsvoorschriften), in de planning (grotere onzekerheid) en uiteraard in de omvang van de supply chain. Maar ik verwacht niet dat de driedaagse werkweken er zullen komen.

Wat kunt u doen om het meeste voordeel te halen uit de wereld na de Brexit?

  • Eerst en vooral: vermijd bruuske veranderingen en neem geen overhaaste investerings- of afstotingsbeslissingen tot de toon van de onderhandelingen tussen het VK en de EU bekend is. (Zal de toegang tot de markt nog altijd gekoppeld zijn aan vrij verkeer van personen en diensten?)
  • Ten tweede: fris uw kennis van uw eigen supply chain op. Weet u waar uw niveau 3 of 4 is? Kunt u de wetgeving evalueren en problemen in de supply chain voorspellen? Hebt u een toereikende procedure voor risico’s met betrekking tot de supply chain? Hoe is het gesteld met de controle en de tracking van uw supply chain?
  • Ten derde: plan van tevoren uw stappen voor als risico’s de kop opsteken. Het is misschien het ideale moment om uw verzorgingsgebied zorgvuldig te herdenken, rekening houdend met eventualiteiten.

Het is altijd een goede strategie in een gespannen situatie om klaar te zijn om eerst winst te pakken.

Bedankt voor het lezen

Contacteer onze expert

Jonas Hatem