Gezondheidszorg
Healthcare Excellence

Robotica in het OK, een stap dichter bij value-based healthcare?

Als de funderingen van vandaag goed liggen, zal de financiële haalbaarheid van het huidige robotica-programma drastisch verbeteren - en helpen bij het uitbouwen van mogelijkheden die in de toekomst een hefboom zullen zijn naar meer 'value for money'.
Mathias Fahy

In productie- en opslagomgevingen is het gebruik van robotica al wijdverspreid. Maar sinds  2000 bieden robots ook een helpende hand aan chirurgen in wat een ‘een digitale operatiekamer’ is geworden. De markt wordt (nog steeds) gedomineerd door de in Californië gevestigde gigant Intuitive Surgical – met ongeveer 4.000 geïnstalleerde systemen in 2016 (waarvan 67% in de VS). Sinds de ingebruikname heeft Da Vinci, het paradepaardje van Intuitive, wereldwijd ongeveer 5 miljoen ingrepen ondersteund, waarvan er 850.000 plaatsvonden in 2017. Ter vergelijking: in 2000 waren dit er nog maar 1000. Investeringsbank RBC Capital schat dat het aandeel van robot-geassisteerde ingrepen alleen maar zal toenemen – tot 35% van de totale wereldwijde ingrepen in 2024.

 

De doorbraak van robotica in de operatiekamer is geen verrassing. Enerzijds overtuigen steeds meer artsen hun (medisch) bestuur van de toegevoegde waarde van een operatierobot (in kwaliteit en efficiëntie van de zorg). Aan de andere kant neemt de markt voor robotica-chirurgie toe, deels omdat er hoe langer hoe meer mogelijkheden zijn die in steeds meer soorten ingrepen kunnen worden ingezet (aanbodgestuurd). Ten tweede vanwege het toenemende voorkomen van chronische ziekten, van urologische, over gynaecologische en thoracale naar orthopedische aard, die om robotassistentie vragen. Zo wordt het merendeel van een aantal meer gecompliceerde ingrepen al door robots ondersteund, denk prostatectomieën (90%) en hysterectomieën (70%).

Maar..

Als we de geavanceerde mogelijkheden (meer intuïtieve bediening, haptische feedback, miniaturisatie die fijnere chirurgie ondersteunt, enz.) en analytics (machine learning en AI) bekijken, zouden we verwachten dat het doorbreken van robotica in het OK vlot zal verlopen (cfr ‘De toekomst van chirurgische robotica’). Er zijn echter een paar grote ‘maar’s.

Kwaliteit

De eerste is wetenschappelijk medisch bewijs van de betere zorgkwaliteit bij robot-geassisteerde procedures. Wijdverbreide voordelen van robotica-chirurgie zijn de snellere doorlooptijd in OK en  ziekenhuis, sneller herstel van de patiënt en minder kans op complicaties. Wetenschappelijk bewijs toont wel aan dat robot-geassisteerde en laparoscopische ingrepen op deze punten duidelijk beter scoren dan conventionele open operaties – maar of robots nu werkelijk een stapje voorhebben op laparoscopische ingrepen is niet geheel duidelijk. Dat is tenminste wat de betalers in de gezondheidszorgsystemen vandaag denken en wat ook zichtbaar is in het gebrek aan terugbetaling van investeringen in apparatuur en robotica-instrumenten in de zorgcentra.

Financiële druk

En hier komt ook de tweede ‘maar’ om het hoekje kijken: de financiële druk die robotchirurgie legt op de (al beperkte) ziekenhuisbudgetten. Met een investering van meerdere miljoenen voor de apparatuur, een aanzienlijke onderhoudsvergoeding, EN de kosten van de “reposables” (in beperkte mate herbruikbare instrumenten) – is het Da Vinci-systeem behoorlijk duur. Om een objectief beeld te krijgen van de economische relevantie van een dergelijke investering, moet een raming gemaakt worden van de economische voordelen doorheen het hele patiënttraject. Het verschil tussen een robot- versus open ingreep kan oplopen tot enkele duizenden € per ingreep (rekening houdend met de volledige kosten van de ingreep, inclusief een afname van verblijfsduur). Maar voor verschillende, en vaak de meer gecompliceerde ingrepen lijkt het Da Vinci-systeem wel concurrerend te zijn (zowel op financieel als op medisch gebied). Als chirurgische robots in de toekomst goedkoper zullen worden, zullen hun voordelen meer kunnen doorwegen – hun bijdrage tot de value-based gezondheidszorg kan dan alleen maar toenemen.

Geven en nemen

De komende twee jaar zullen cruciaal zijn voor robotchirurgie. De markt ligt open en zorginstellingen krijgen zo een adempauze. Concurrentie tussen zowel start-ups (denk aan Auris, MMI en CMR), gevestigde waarden (Medtronic, Johnson & Johnson en dergelijke), en fusies en overnames tussen andere leveranciers, zal de betaalbaarheid van systemen en de technologische innovatie vergroten.

De financiële levensvatbaarheid van roboticachirurgieprogramma’s voor kan vandaag wel al geborgd worden. Zo kunnen ziekenhuizen al verschillende maatregelen implementeren die de kosten van roboticachirurgie verlagen (zelfs zonder de komst van goedkopere systemen).

Plannen van een hogere caseload

Door een hogere caseload toe te staan en te plannen op de huidige robotsystemen, kan het gebruik ook toenemen. De huidige OEE (‘Overall Equipment Effectiveness’), van dure medische infrastructuur is slechts 40% – in industriële omgevingen, waar men gewend is aan meer dan 90%, is zoiets ondenkbaar. Toenemend gebruik levert schaalvoordelen op en verlaagt de vaste kosten – niet onbelangrijk aangezien deze ongeveer 30% uitmaken van de totale kosten van een robotsysteem.

Partnerschappen aangaan of deelnemen aan ziekenhuisnetwerken

Nog een manier om schaalvoordeel te creëren is door partnerschappen aan te gaan of deel te nemen aan ziekenhuisnetwerken. Dit zal niet alleen de OEE verhogen, maar het zal artsen ook in staat stellen om meer ervaring op te doen met robots (en zo de leercurve ook minder steil te maken). Ten slotte zal dit zorgverleners meer flexibiliteit bieden bij het in balans brengen van het portfolio van robotica-procedures, zowel vanuit financieel oogpunt als vanuit het oogpunt van kwaliteit van zorg.

Uittekenen van het juiste portfolio van robotica-procedures

Wees verstandig bij het uittekenen van het portfolio van robotica-procedures. Het totale rendement van een roboticachirurgieprogramma kan worden verbeterd door vanuit verschillende invalshoeken zorgvuldig het type en het aantal ingrepen te selecteren dat moet worden opgenomen.

  • Vanuit strategisch oogpunt: kies de ingrepen die belangrijk zijn voor de positionering en strategie van het ziekenhuis(netwerk).
  • Vanuit financieel oogpunt: Verschillende ingrepen hebben verschillende financiële gevolgen op basis van een heleboel factoren (volume, OK-tijd, verblijfsduur, waarschijnlijkheid van heropname en verschillende terugbetalingspatronen voor apparatuur en reposables, enz.). Een goed zicht krijgen op het ‘nettoresultaat’ van (soorten) roboticageassisteerde ingrepen is van het grootste belang om het portfolio verstandig op te bouwen. Het afwegen van het portfolio kan worden gedaan door het aandeel ingrepen met een lager negatief effect op de totale kosten van het programma te verhogen. Over het algemeen zal dit het geval zijn voor (middelmatige tot) complexe ingrepen waarbij de toegevoegde waarde van robotica in termen van tijds- en zorgefficiëntie loont – in vergelijking met conventionele laparoscopische of open ingrepen.
  • Vanuit het oogpunt van rationalisering: als de toegevoegde waarde van robotassistentie bij het uitvoeren van bepaalde soorten ingrepen helemaal niet duidelijk is, of als de financiële last simpelweg te hoog is, kan laparoscopische chirurgie nog steeds een waardevol alternatief zijn (zowel in termen van financiële impact als medische resultaat). Dit is vooral het geval voor low-cost ziekenhuizen of ziekenhuizen onder budgettaire druk. Fabrikanten van laparoscopische apparatuur moeten (en zullen) creatief zijn om laparoscopische chirurgie toegankelijker te maken om het gebruik van video-endoscopische chirurgie toe te laten, een chirurgievorm die totnogtoe vergelijkbare resultaten lijkt te kunnen voorleggen als robotchirurgie.

Verkorten van de operatieduur

Verkort de tijd in het OK door de operatieduur (consoletijd) te verkorten. Zo is het mogelijk om een groter deel van de “robottijd” toe te wijzen aan zeer efficiënte chirurgen of gespecialiseerde robotchirurgen op te leiden met een hogere efficiëntie (opnieuw afhankelijk van ziekenhuisstrategie of netwerkstrategie). In veel gevallen zien we nog steeds ruimte om de niet-operationele tijd in een operatiekamer voor robotica-chirurgie (voordat de werkelijke consoletijd begint) te verkorten met behulp van een lean room opstelling, een duidelijke rol- en taakverdeling, een parallelle taakstelling en het voorzien van back-up materiaal. Studies naar robot-geassisteerde gynaecologische procedures (cfr. ‘A financial analysis of operating room charges for robot-assisted gynaelogic surgery’, B. Zeybek, T. Oge, C. Kilic, M. Borahay and G. Kilicstellen vast dat de (gemiddelde) tijd voordat de operaties beginnen algauw oploopt tot 55 minuten – wat de kost voor de ingreep meteen doet stijgen met 2-3k ($).

Standaardisatie van instrumenten

Er lijken ook grote kostenverschillen te zijn tussen chirurgen, gerelateerd aan instrumentgebruik. Standaardisatie van instrumenten bij chirurgen in vergelijkbare procedures kan aanzienlijke kostenbesparingen opleveren, zeker gezien de aanvullende instrumenten vaak slechts beperkt te hergebruiken zijn. Als er bijvoorbeeld 4 in plaats van 5 instrumenten worden gebruikt met slechts één aanstuurprogramma, komt dit al op een besparing tot € 290, wat kan oplopen tot 15-20% van het verschil in kosten tussen robotgestuurde en laparoscopische procedures.

Ontwikkelen van een duidelijk uitgewerkt programma

Zoals bij elke investering van meerdere miljoenen €, zou een robotsysteem moeten worden gekaderd binnen een duidelijk uitgewerkt programma. Het ontwikkelen van een duidelijke visie op het gebruik en de verdere uitbreiding van het systeem, de ontwikkeling van metrics voor een degelijke rapportage en follow-up (zowel in termen van case load, kwaliteit als financiële impact), het definiëren van welomschreven verantwoordelijkheden in de vorm van een stuurgroep en de communicatie tussen/naar de belanghebbenden binnen en buiten het zorgcentrum – zijn slechts enkele van de gestructureerde voordelen die een uitgewerkt programma kan opleveren.

Back … from the future

Robotchirurgie zorgt en zal ook in de komende jaren nog verder zorgen voor een revolutie in de operatiekamer. De markt zal zich openen en nieuwe spelers zullen de weg plaveien naar lagere kostensystemen en meer technologische innovatie om de invoering van robotics te verhogen. Sommige zorgvisionairs zeggen dat de toekomst eigenlijk al aanwezig is. Ziekenhuisbesturen moeten een stap terug nemen en nadenken over de manier waarop robotchirurgieprogramma’s vandaag worden geëvalueerd en beheerd.

Als de funderingen van vandaag goed liggen, zal de financiële haalbaarheid van het huidige robotica-programma drastisch verbeteren – en helpen bij het uitbouwen van mogelijkheden die in de toekomst een hefboom zullen zijn naar meer ‘value for money’. Robotchirurgie brengt ons een stap dichter bij de heilige graal van een echt value-based gezondheidszorg; een concept waarover veel wordt gesproken, maar dat in de gezondheidszorg zelden wordt bereikt. En uiteindelijk is dat wel waar het in dit hele robotics-tijdperk om draait.

Bedankt voor het lezen

Contacteer onze expert

Mathias Fahy

Delen blog